Monument voor boeken

‘Machtig symbool van wetenschap en kennis’, ‘schending van het Gentse luchtruim’, ‘symbolische vuurbaak’, ‘academische erectie’, ‘luchtkasteel van de vernederlandste universiteit’, ‘kathedraal van kennis’, ‘arrogant oplichtende kop’... De perceptie van de Boekentoren door studenten, architecten, Gentenaars en toeristen is zeer variabel. Maar zowel voor de bewonderaars als voor de criticasters geldt dat de toren meer is dan de bewaarplaats van de bibliotheekcollectie van de universiteit.

Monumentaal

Over het monument Boekentoren mogen de meningen verdeeld zijn, over de monumentaliteit valt niet te twisten. Henry van de Velde ontwierp voor de universiteitsbibliotheek een toren, ‘als een machtige boekenkast in de hoogte aangelegd’. De twintig verdiepingen strekken zich uit over 64 meter en worden bekroond met een glazen Belvedère. Opgeteld bij de 21 meter van de Blandijnberg maakt dat van de Boekentoren het hoogste gebouw van Gent. Van de Velde wilde dat zijn toren naast de religieuze torens van de Sint-Baafskathedraal en Sint-Niklaaskerk en de wereldlijke toren van het Belfort symbool zou staan voor de wetenschap. Maar het is niet alleen de hoogte van de toren die van de universiteitsbibliotheek een monumentaal gebouw maakt. Het interieur en het exterieur van het complex bestaan uit een samenspel van horizontale en verticale krachtlijnen die een sterk esthetisch effect hebben. De monumentaliteit van de Boekentoren contrasteert daarenboven ook nog eens met het imposante Plateaugebouw aan de overkant van de straat. De majestueuze Boekentoren had nog veel grootser kunnen zijn, mochten de plannen van Van de Velde voor de aanpalende faculteit Letteren en Wijsbegeerte zijn uitgevoerd. Maar daar staken administratieve beslommeringen en de explosie van het studentenaantal een stokje voor.

Een gecontesteerde toren

De Boekentoren is van bij de planningsfase de inzet van een felle discussie. Van de Velde heeft voor zijn torenconcept heel wat overredingskracht nodig, want hoofdbibliothecaris Apers is vanwege de liften en de kwetsbaarheid bij brand of vijandelijkheden geen voorstander van de toren. Zijn profetie wordt trouwens bewaarheid als tijdens de Tweede Wereldoorlog de Duitse bezetter in de Belvedère een uitkijkpost met afweergeschut installeert. Voorts schiet de Boekentoren vanuit bibliotheekeconomisch oogpunt tekort. Het licht dat invalt via de raampartijen beschadigt de boeken en de temperatuur in de toren en de kelders is nauwelijks te regelen. Zowel in de zomer als in de winter is de lucht te warm en te droog. Het waterreservoir dat bovenop de Belvedère wordt geplaatst als bluswatertank zal in de jaren 1950 lekken en het water beschadigt de vloer van de Belvedère en een gedeelte van de collectie.

De ontvangst van de toren

Vakpers en architecten zijn wél lovend voor het modernistische kunstwerk van Van de Velde. Het zal trouwens een van de enige grote modernistische bouwwerken in België blijven. Voor enkele criticasters doet deze architecturale parel wel wat te Amerikaans aan. Toeval of niet, maar bij zijn bezoek aan België in 1939 is het inderdaad de toren van de Gentse bibliotheek die de voormalige Amerikaanse president Herbert Hoover het meeste bijblijft. De Gentenaars moeten wennen aan de brutale schaal van de toren en de buurtbewoners zijn nog niet vergeten dat voor het universiteitsgebouw een volledig arbeidersbeluik tegen de vlakte is moeten gaan. De bourgeoisie van Gent is evenmin wild van de toren. Dat heeft dan weer te maken met de symboolwaarde ervan voor de universiteit. De universiteit profileert het gebouw als een machtige verwezenlijking van de sinds 1930 vernederlandste universiteit, een vernederlandsing waar de Gentse bourgeoisie zich hard tegen heeft verzet. Toch moet zelfs de anti-Vlaamsgezinde krant La Flandre Libérale in 1938 toegeven dat ‘A vrai dire, à mesure qu’on s’accoutume à sa vue, elle parait moins laide; il y a même des moments où elle semble presque belle. Tout dépend de l’éclairage et de l’angle sous lequel on la voit’. Dat de Boekentoren moeite heeft de publieke opinie te bekoren heeft tot slot ook nog te maken met haar inhuldiging tijdens de Tweede Wereldoorlog. Omdat de verhuizing van de universiteitsbibliotheek wordt georkestreerd door de Duitsers, mist de Boekentoren voor een stuk haar moment de gloire.

Een icoon voor de universiteit

Wie wel in zijn nopjes is met de Boekentoren is de universiteit zelf. De symboolwaarde wordt treffend verwoord in een publicatie van het Gents Studentencorps in 1937. Het boekje brengt hulde aan ‘allen die onze Nederlandsche Universiteit gemaakt hebben tot een voorwerp van fierheid voor ons volk, tot een verkleind spiegelbeeld van wat ze worden zal. Daarvan zij het silhouet van onzen rijzigen boekentoren het sprekend symbool!’ De Boekentoren prijkt in de jaren 1950 en begin jaren 1960 verschillende keren op de kaften en voorpagina’s van brochures en publicaties van de universiteit. Het neemt in deze periode voor een stuk de plaats in van de Aula als representatief beeld van de Gentse universiteit en de toren wordt gereproduceerd in advertenties, kunstwerken en stadszichten. Een hoogtepunt in de verering van de Boekentoren en zijn architect is de uitgave van een postzegel van Henry van de Velde in 1963 naar aanleiding van de honderdste verjaardag van zijn geboorte. Maar het gebouw staat er dan eigenlijk al belabberd bij en er vallen verschillende betonblokken op de straatstenen van de Rozier. De toren wordt van onder tot boven opnieuw bepleisterd met epoxymortel, een nieuwe techniek van de hoogleraar ingenieur Riessauw waarbij een beschermend omhulsel rond het beton gevormd wordt. In de jaren 1970 is het modernisme over zijn hoogtepunt heen en ebt het enthousiasme over de Boekentoren weg. De tanende interesse van publiek, studenten en personeel valt samen met enkele fysieke mankementen. Het gebouw wordt onvolledig en met weinig respect voor het aanvankelijke ontwerp opgelapt en vervalt tot een stoffig magazijn.

Heropstanding

De Boekentoren wordt maar langzaamaan opnieuw ontdekt. Het begint in 1982 als een hoogleraar architectuur in de kelder onder een laag plastic en heel veel stof de maquette van Van de Velde uit 1934 ontdekt. Hij verplaatst de maquette naar de blauwe zaal in het Plateaugebouw en organiseert samen met enkele interieurarchitecten en kunstwetenschappers een studiedag ‘Rond de maquette’. Drie jaar later presenteert de bibliotheek de resultaten van een uitgebreid onderzoek naar het gebouwencomplex in een tentoonstelling en catalogus. De architecten en kunstwetenschappers zullen met hun belangstelling voor Van de Velde en de Boekentoren ook de volgende decennia impulsen geven aan de waardering en erkenning van de Boekentoren. Een andere voorvechter van de Boekentoren en medewerker van het eerste uur is Norbert Poulain, een cataloograaf van de bibliotheek. Hij ontpopt zich als geëngageerde gids van de Boekentoren die personeel, studenten en Gentenaars opnieuw laat kennismaken met het monument. Tijdens de Gentse Feesten van 1986 opent de Boekentoren voor het eerst zijn deuren voor het grote publiek op vraag van de Dienst Monumentenzorg van de stad Gent. Vooral de Belvedère is vanwege het magistrale uitzicht over Gent een publiekstrekker. Het initiatief zal jarenlang herhaald worden en vanaf 1989 uitgebreid worden met deelname aan de Open Monumentendag. Behalve Gentenaars kunnen ook kunstenaars de Boekentoren opnieuw appreciëren als decor of tentoonstellingsruimte voor hun projecten. Zo neemt Anna Teresa De Keersmaeker in 1989 de balletfilm Hoppla op in de grote leeszaal en maakt Magnum-fotograaf Carl De Keyzer er enkele jaren later een fotoreeks.

Overheid en universiteit erkennen de Boekentoren als monument

Na jaren van inspanningen komt de Boekentoren in 1992 op de lijst van beschermde monumenten terecht. Maar de erkenning en het oplapwerk ten spijt gaat het gebouw zienderogen achteruit. Een triest dieptepunt is het rapport van de architect André Singer, directeur van architectenbureau Project2. Hij ziet na een bezoek aan de Boekentoren af van zijn schenking van tekeningen van Van de Velde. De conclusie van zijn restauratiestudie uit 2003 is ongenadig:‘Dit gebouw vraagt een visie voor de toekomst want binnen 5 à 7 jaar komen we op een ‘point of no return’ en zal het niet meer mogelijk zijn het gebouw in zijn oorspronkelijke staat te restaureren. Bij volledige nalatigheid kunnen we dit gebouw binnen 30 jaar afbreken.’ Singer zet wel zijn schouders onder plannen voor een restauratie van de Boekentoren, die hij op 41 miljoen euro raamt. Op zijn laatste Raad van Bestuur op 16 september 2005 verkrijgt rector De Leenheer de erkenning van de Boekentoren als architecturale landmark én de goedkeuring om een lening aan te gaan om het gebouw te restaureren. Stad en Vlaamse overheid leggen samen 12 miljoen euro bij.

Een stedelijk icoon

Sindsdien dooft de aandacht voor de Boekentoren niet meer uit. Hoogtepunt in de heropstanding van de Boekentoren is het jaar 2007. In dat jaar scharen studenten, personeel en Gentenaars zich achter hun Boekentoren tijdens de Monumentenstrijd van de VRT en behaalt de toren de derde plaats. Nog in 2007 ontvangt hoofdbibliothecaris Sylvia Van Peteghem de Cultuurprijs voor Cultureel erfgoed. De erkenning valt haar te beurt omdat de universiteitsbibliotheek onder haar leiding getransformeerd is van een stoffige bewaarinstelling naar een digitaal kenniscentrum en ze een financieel en maatschappelijk draagvlak heeft kunnen creëren voor de restauratie. De Boekentoren is nu ‘hot’. Er passeren tientallen kunstenaars, de toren wordt aan het begin van het academiejaar bestormd door studenten, er verschijnen spandoeken en projecties op de muren en de Belvedère is (zelfs in zijn lamentabele staat) het favoriete decor voor een exclusieve filmvoorstelling, voorleesavond of overnachting. De universiteit speelt de iconografische waarde van de Boekentoren en zijn mogelijkheden als cultureel ijkpunt in de stad (eindelijk) opnieuw uit. De langverwachte restauratie van de Boekentoren volgens het plan van Robbrecht en Daem start in 2011 en zou in 2019 ten einde moeten zijn. Ook hier zit het publiek op de eerste rij: iedereen kan de plannen bekijken en de vorderingen volgen op www.boekentoren.be. Ondertussen geeft de vierde toren van Gent de andere drie het nakijken nu de Gentse toeristische dienst de Boekentoren samen met het Lam Gods en de Waalse Krook wil uitspelen als een van de iconen van de stad.

Fien Danniau
Vakgroep Geschiedenis UGent
18 augustus 2010

Hoe verwijs je naar dit artikel?
Danniau, Fien. "Monument voor boeken." UGentMemorie. Laatst gewijzigd 25.06.2015. www.ugentmemorie.be/artikel/monument-voor-boeken

Literatuur

Deel deze pagina: 

Herinneringen

Henry van de Velde spreekt in zijn laatste les aan de UGent over zijn ambities voor de Boekentoren

'Ik heb de ambitie een bouwwerk op te richten dat getuigen zal van mijn geloof in de toekomst eener rationeele architectuur, maar vooral van het gevoel van genegen toewijding dat me verbindt met allen, die ik hier aan de universiteit leerde kennen en waarderen.'

(Henry van de Velde, de architect van de Boekentoren, in de laatste les voor zijn emeritaat op het einde van academiejaar 1935/36)

op. cit.: Een toren voor boeken. Henry van de Velde en de bouw van de Universiteitsbibliotheek en het Hoger Instituut voor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde te Gent (Tentoonstelling 26 oktober – 24 november 1985), Gent, 1985, p. 77. FULL TEXT

 

Het Gents Studentencorps brengt hulde aan de vernederlandste universiteit en aan de Boekentoren als symbool daarvan

‘Wij wenschen er overigens den nadruk op te leggen dat deze brochure meteen ook uitdrukkelijk bedoeld is als een bescheiden hulde aan allen die onze Nederlandsche Universiteit gemaakt hebben tot een voorwerp van fierheid voor ons volk, tot een verkleind spiegelbeeld van wat ze worden zal. – Daarvan zij het silhouet van onzen rijzigen boekentoren het sprekend symbool!’

(Gents Studentencorps in de publicatie ter gelegenheid van zijn lustrum. Op de cover een triomfantelijke afbeelding van de Boekentoren)

uit: Gent Universiteit, Gent, 1937, p. 6.

Rector Louis Fredericq maakt een balans van de UGent op het einde van de jaren 1930

‘Na de onvermijdelijke en trouwens korte crisis der aanpassing aan de nieuwe toestanden, door de vervlaamsching geschapen’, heeft de universiteit ‘een toenemenden bloei [mogen] beleven. [...] Reeds steekt de “boekentoren” onzer bibliotheek boven de Stad uit als een symbolische vuurbaak; reeds rijzen de grondvesten op van het Academisch Ziekenhuis, waarvan de sociale werking zoo weldadig kan worden; reeds is de bouw gevorderd van de Veeartsenijschool en van de talrijke laboratoria, die weldra zullen voorzien zijn van een modern materieel, om ons leeraarskorps in staat te stellen nog beter zijn edele zending te vervullen’

(Louis Fredericq, rector van 1936 tot 1938 bij de opening van academiejaar 1937/38)

uit: 'Plechtige hervatting der leergangen op 11 october 1937', in: Jaarboek van de Universiteit te Gent, Gent, 1937, p. 61.

De anti-Vlaamsgezinde krant La Flandre Libérale geeft toe dat de Boekentoren 'iets heeft'

'L’oeil commence à s’habituer a la haute tour carrée et massive… On découvre, d’un peu partout, sa silhouette imprévue. Elle s’impose notamment, assez brutalement, comme fond de tableau, au champs de foire de la plaine sainte-Pierre. A vrai dire, à mesure qu’on s’accoutume à sa vue, elle parait moins laide; il y a même des moments où elle semble presque belle. Tout depend de l’éclairage et de l’angle sous lequel on la voit'

uit: La Flandre Libérale, 24 maart 1938.

André Singer vat het belang van de Boekentoren samen in het besluit van zijn rapport uit 2003

De universiteit is eigenaar van, en verantwoordelijk voor, een meesterwerk. De Boekentoren is haar belangrijkste gebouw. Zij beseft onvoldoende de iconografische waarde en de daaraan verbonden PR-mogelijkheden. Deze studie wil een aanzet zijn om zeer concreet werk te maken van ‘haar Boekentoren’. Dit gebouw vraagt een visie voor de toekomst want binnen 5 à 7 jaar komen we op een ‘point of no return’ en zal het niet meer mogelijk zijn het gebouw in zijn oorspronkelijke staat te restaureren. Bij volledige nalatigheid kunnen we dit gebouw binnen 30 jaar afbreken.

De Centrale Bibliotheek en het voormalig Hoger Instituut vor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde van de Universiteit Gent. Preliminaire studie uitgevoerd door Project 2, Antwerpen, 2003. FULL TEXT.